Dichters, moeders en zonen


Hoewel sommigen vonden dat een gemeenteberaad en moederdag geen gelukkige keuze was, werd ik getroffen en geroerd door de twee gedichten, waarmee Kaj de bijeenkomst sloot. Het tweede was afkomstig van onze noordelijke dichter Rutger Kopland. Ik vond de tekst terug op gedichten.nl en las het daar nog eens rustig terug. Een gedicht dat nauwelijks uitleg of commentaar nodig heeft, dacht ik. Hoewel?

Commentaren
21 jaar geleden plaatste ene Rosa er de volgende reactie onder: Ik vind het een mooi gedicht, maar meer een verhaal-vorm. Daar houd ik niet zo van.

Interessanter was de reactie van ene Josiene. Zij schreef er achttien jaar geleden onder:
Is ‘t een geintje? Wat een rare manier van omgaan met Martinus Nijhoff’s: Ik ging naar Bommel om de brug te zien. Dat laatste is wél een mooi (zelfs ontroerend) gedicht!

Dat wekt opeens mijn belangstelling. En als ik het op dezelfde site op zoek moet ik een beetje gniffelen omdat ik denk te weten hoe Kaj aan zijn gedichten van die ochtend kwam. Dan is hij schatplichtig aan Josiene. Ere wie ere toekomt.

De gedichten
Hier de beide gedichten. Laat ze even op je inwerken.

De moeder de vrouw

Ik ging naar Bommel om de brug te zien.
Ik zag de nieuwe brug. Twee overzijden
die elkaar vroeger schenen te vermijden,
worden weer buren. Een minuut of tien

dat ik daar lag, in ’t gras, mijn thee gedronken,
mijn hoofd vol van het landschap wijd en zijd –
laat mij daar midden uit de oneindigheid
een stem vernemen dat mijn oren klonken.
Het was een vrouw. Het schip dat zij bevoer
kwam langzaam stroomaf door de brug gevaren.
Zij was alleen aan dek, zij stond bij ’t roer,

en wat zij zong hoorde ik dat psalmen waren.
O, dacht ik, o, dat daar mijn moeder voer.
Prijs God, zong zij, Zijn hand zal u bewaren.

Martinus Nijhoff (1922)

——

De moeder het water

Ik ging naar moeder om haar terug te zien.
Ik zag een vreemde vrouw. Haar blik was wijd en
leeg, als keek zij naar de verre overzijde
van een water, niet naar mij. Ik dacht: misschien

– toen ik daar stond op het gazon, pils gedronken
in de kantine van het verpleegtehuis, de tijd
ging langzaam in die godvergeten eenzaamheid –
misschien zou ’t goed zijn als nu Psalmen klonken.

Het was mijn moeder, het lijfje dat daar roer-
loos stond in ’t gras, alleen haar dunne haren
bewogen nog een beetje in de wind, als voer

zij over stille waatren naar een oneindig daar en
later, haar God. Er is geen God, maar ik bezwoer
Hem Zijn beloften na te komen, haar te bewaren.

Rutger Kopland (1992)

Transformatie

Arme Josiene van 18 jaar geleden; ze dacht een dichter op goedkoop plagiaat te kunnen betrappen, maar miste de subtiele laag van hoe dichters in de tijd van persoon kunnen wisselen om een strijdbare moeder te laten transformeren in een vreemde oude vrouw, zoals de thee van Nijhoff veranderd in het bier van Kopland en uiteindelijk in water, totdat alles daarin oplost en in psalmen. In een tijdsbestek van precies 75 jaar (van 1922 naar 1997) wordt God bezongen, ontkend en weer teruggeroepen en haast gesmeekt zijn werk te doen.

Niet mijn zoon

Dit gedicht van Kopland roept ook iets anders bij me op. Ik ken de moeder uit het gedicht via een verhaal dat zijn broer me eens vertelde. Hij bezocht haar, op het eind van haar leven ook. In datzelfde verpleeghuis. Zij hadden, reeds lang voordat de ziekte zich bij haar openbaarde een heel slechte relatie gehad.

De verpleegster vertelde haar, terwijl ze koffie voor hen inschonk, dat haar zoon op bezoek was. Moeder keek hem aan lang aan, herkende hem niet en zei toen: ‘Ik kan me niet voorstellen dat u mijn zoon bent, meneer’ en eindelijk was hij het, die na al die jaren van strijd met haar het met haar voor de eerste keer eens was toen hij uit de  grond van zijn hart kon zeggen: Nee moeder, ik kan me dat ook niet voorstellen…

Geen zoon
Die ochtend in de voorafgaande dienst baden we voor vrouwen die geen moeder mochten worden. Ik denk dat we ook baden voor moeders die geen moeders mochten worden en zoons die geen zoon mochten worden.

(Luister over dat laatste thema ook dit liedje van de band Genesis.)


Lees ook:

De grote moed van de dichter

Lieke Marsman draagt een gedicht voor waarin de dood dicht op haar huid zit. Of zij zit de dood dicht op diens huid. Met lef als levensmoed, en taal als brug tussen verleden en heden. Luister en lees mee.

Lees meer

Dwars door het aardse heen de hemel zien

Poëzie en natuur komen in blinkende beelden samen in het geliefde lied ‘Aan u behoort o Heer der heren.’ En het blijkt bol te staan van verwijzingen naar hoopvolle bijbelse teksten.

Lees meer

Een man telt

In een Peruaans dorp telt een man de uren dat Christus in de onderwereld verblijft, alsof de kosmische orde ervan afhangt. Deze absurde, ontroerende scène weerspiegelt het verlangen om greep te krijgen op het onbegrijpelijke. Zo zoeken we naar zekerheid tussen hemel en aarde.

Lees meer

De kunst van het meningsverschil: van emotie naar argument

Online is discussie alom, maar vaak ontaardt het in schelden of jij-bakken. Oneens zijn drijft reacties, en online meningsverschillen nemen toe. Goed oneens zijn vereist argumenten in plaats van emoties – zo verbeteren gesprekken en worden mensen gelukkiger. Vertraag dus mee en lees over de kunst van het meningsverschil.

Lees meer

Outdoor watertrack voor de kinderen van de COA

Wat fijn als we als gemeente kunnen bijdragen aan het plezier van anderen, in dit geval de kinderen in de COA .
Een kleine investering met een groot effect.

Lees meer

De Posthoorn: Een nieuw symbool voor ontmoeting en activiteit

Plan: de Dorpskerk introduceert de Posthoorn als nieuw icoon voor al haar activiteiten. Dit tijdloze symbool, van oudsher al een oproep om samen te komen en uit te wisselen, staat nu voor ontmoeting, inspiratie en verbondenheid. Bij de Posthoorn zie je in 1 oogopslag wat er te gebeuren staat.

Lees meer

Naar de middelbare school gaan is een mijlpaal!

In de dienst van 21 juni stonden ze centraal: vier kinderen uit onze gemeenschap die de overstap naar de middelbare school maken. Dat is een mijlpaal! We hebben daar in de kerkdienst over gepraat. Na afloop plantten ze een boompje…

Lees meer

“Niets is zo verhelderend als verwarring”

Naar aanleiding van het overlijden van Wim T. Schippers, meester in de ontregeling, stelden we elkaar de vraag: hoe zit het met ontregeling en orde in de Bijbel? Het antwoord verraste.

Lees meer

Een ode aan lieve Lieke (I.M. Lieke Marsman (1990 – 2026))

In het gedicht “Vasthoudendheid” rijgt de net overleden dichteres Lieke Marsman speels en soepel gedachten aaneen over hoe je niet stil kunt liggen in de nacht. Henny Veltman, geraakt door haar frisse stijl, herinnert zich hoe Marsmans gedichten tijdens een zomer in een regenachtige tent tot leven kwamen.

Lees meer